// Delta Projects pageView scripts are plug and play / No changes are required before implementation
foto: meisjes voor het schoolbord in een grid van balletjes
Leer voor je leven

Gedragsconvenant SVIB

Gedragsconvenant SVIB

Beeldcouches hebben geen welomschreven beroepscode zoals dit wel het geval is bij psychologen/orthopedagogen die zich specialiseren in Beeld Begeleiding (BB) en werkzaam zijn bij bijvoorbeeld een onderwijsbegeleidingsdienst of in een regionaal samenwerkingsverband.

Met een vrijwillige aanvaarding van gedragsregels BB krijgen niet alleen begeleiders BB maar ook zij die in opleiding zijn, een handreiking voor een beroepsethisch professioneel handelen. Daarnaast worden leraren en leerlingen die met behulp van BB worden begeleid op enige wijze beschermd.

De in dit gedragsconvenant vervatte regels zijn onvermijdelijk algemeen van aard. Bij twijfel hoe te handelen gaat de begeleider BB te rade bij zijn/haar opleider of een collega BBer.

Bij het opstellen van een actueel gedragsconvenant voor SVIB is als uitgangspunt genomen de eerste gedragscode die de WOSO (Werkverband Opleidingen Speciaal Onderwijs) in 1997 heeft opgesteld. Het advies is om als onderwijsinstelling een geldend en werkbaar convenant te ontwikkelen, waarbij onderstaand convenant als voorbeeld kan dienen.

 

  1. Algemene regels:

 

Waardigheid

1.1 De begeleider SVIB moet in uitoefening van zijn specialisme de zorgvuldigheid in acht nemen door te handelen naar de inhoud en geest van dit gedragsconvenant.

1.2 De begeleider SVIB mag geen misbruik maken van het uit zijn positie voortvloeiende overwicht.

 

Deskundigheid

1.3 De begeleider SVIB moet de grenzen van zijn deskundigheid kennen en ernaar handelen.

1.4 De begeleider SVIB houdt zijn professionele handelen in stand door zich in een supervisie- of intervisielijn te plaatsen.

 

Vertrouwelijkheid

1.5 De begeleider SVIB treedt in een vertrouwensrelatie met de leraar/leerling met wie hij werkt. Daarom is de begeleider SVIB verplicht tot geheimhouding over datgene wat hem binnen die vertrouwensrelatie ter kennis komt.

1.6 Daaruit vloeit voort dat anderen geen inzage mogen krijgen in het videomateriaal zonder dat de leraar/leerling daar toestemming voor heeft gegeven.

1.7 Het feit dat de begeleider SVIB opleidingssupervisie heeft, moet aan de leraar bekend worden gemaakt. Materialen die in de opleidingssupervisie worden ingebracht zijn vertrouwelijk materiaal.

(Weigert de leraar inbreng van de beelden in de opleidingsgroep, maar is er wel noodzaak voor opleidingssupervisie dan kan de begeleider SVIB de beelden anoniem inbrengen. Bij te grote bekendheid van de leraar bij leden van de opleidingsgroep kan de begeleider SVIB een individueel traject aangaan met de opleider.)

1.8 Videomateriaal mag niet voor openbare presentaties worden gebruikt zonder schriftelijke toestemming van degene die prominent (in close-up) in beeld is gebracht.

1.9 Het gebruik van materiaal in videoproducties mag alleen na schriftelijke toestemming van

betrokkenen.

1.1    Na afloop van het traject wordt het videomateriaal gewist.

 

Verantwoording

1.10 Het videomateriaal moet in beginsel voor de leraar ter inzage zijn.

1.11 Desgewenst ontvangt de leraar een kopie van de fragmenten die voor de begeleiding zijn gebruikt.

 

Collegialiteit

1.12 De begeleider SVIB behoort zijn collega’s alle hulp en steun te verlenen die hij met zijn deskundigheid en ervaring kan bieden, om hen in staat te stellen tot een professionele uitoefening van het specialisme overeenkomstig deze gedragsconvenant.

 

  1. Verticale relaties

 

Ouders/Verzorgers

2.1 Ouders/verzorgers van de school worden via de schoolgids op de hoogte gesteld van het feit dat SVIB als methodiek op school wordt gehanteerd.

2.2 Ouders/verzorgers geven vooraf schriftelijk toestemming dat SVIB ingezet kan worden.

2.3 Bij een traject rondom een individuele leerling wordt de ouders/verzorgers vooraf op de hoogte gebracht.

2.4 Ouders hebben alleen inzage in beeldmateriaal als de begeleiding zich afspeelt rondom hun kind.

2.5 Ouders van andere leerlingen die in de opnames in beeld gebracht zijn, hebben niet automatisch recht op inzage van de beelden. Indien zij bezwaar hebben dat hun kind toevalligerwijs gefilmd wordt, kunnen zij dit kenbaar maken bij de directie. Hier wordt waar mogelijk, rekening mee gehouden tijdens het filmen.

2.6 Indien er opnames aan de ouders worden getoond moet dit bekend worden gemaakt aan de leraar.

2.7 De leraar kan weigeren dat opnames aan ouders getoond worden.

2.8 Als de beelden aan de ouder getoond worden gebeurt dit altijd samen met de SVIB’er en eventueel de leraar zelf.

 

Bevoegd gezag

2.8 De begeleider SVIB die door het bevoegd gezag om een begeleiding wordt gevraagd verschaft niet automatisch inzage in het videomateriaal. Daarvoor moet de leraar eerst toestemming geven.

2.9 De begeleider SVIB gaat geen opdrachten aan die het karakter hebben van een beoordeling (Bijvoorbeeld: een op video vastgelegd functioneringsgesprek of een ‘laatste kanssituatie met ontslagdreiging bij mislukking van de begeleiding.)

2.10 De begeleider SVIB die in opdracht van het bevoegd gezag werkt doet dit zoveel mogelijk in samenspraak en met toestemming van de leraar.

 

  1. Verstrekken van gegevens aan derden

3.1 Dit mag nooit zonder toestemming van alle betrokkenen. Daarbij is vooraf schriftelijke toestemming verleend door diegenen — of wettelijke vertegenwoordigers van hen — die op de opnames voorkomen.

3.2 De leraar, ouders en leerlingen boven de 12 jaar hebben recht op verwijdering van, of aanvulling op het videomateriaal indien men kan aantonen dat dit relevant is gezien de situatie.

3.3 De begeleider SVIB mag gegevens aan derden verstrekken ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek, publicaties en  onderwijsdoeleinden voor zover de persoonlijke levenssfeer van diegenen die zijn gefilmd, niet wordt geschaad. Daarbij is vooraf schriftelijke toestemming verleend door diegenen – of wettelijke vertegenwoordigers van hen – die op de opnames voorkomen.

VOORBEELD PROTOCOL SVIB

  1. SVIB is een begeleidingsmethode die bij het personeel bekend is. Het personeel kent het protocol.

 

  1. SVIB wordt in overleg met een personeelslid ingezet ter ondersteuning van zijn/haar functioneren. De begeleiding heeft nooit het karakter van een beoordeling. Bij eventuele terugkoppeling naar derden staat de hulpvraag van de zorgleerling centraal. Indien de SVIB-er tevens lid van het managementteam is en in die functie functioneringsgesprekken moet voeren mag men privacy ten aanzien van de begeleiding verwachten. De betrokkene kan aangeven indien een functioneringsgesprek met een ander lid van het management gewenst is. De begeleiding heeft nooit het karakter van een beoordeling.

 

  1. SVIB kan als begeleidingsmethode worden ingezet voor hulpvragen ten aanzien van leerlingen en eigen vaardigheden.

Wie kan aanvragen:

-       een leerkracht

-       een lid van het OOP

-       Intern Begeleider

 

De aanvrager maakt aan SVIB-er kenbaar dat hij begeleid wil worden middels SVIB. Indien de aanvrager een leraar is, moet deze de eigen Intern Begeleider op de hoogte brengen.

 

  1. Ouders van leerlingen weten door middel van de schoolgids, eventueel middels het intakegesprek en informatieavonden dat SVIB een begeleidingsinstrument op onze school is.

 

  1. De ouders/verzorgers van de leerling die specifiek gefilmd wordt, worden hiervan bij de start van het traject door de leraar op de hoogte gebracht.

 

  1. De opnames staan in dienst van de begeleiding en worden alleen met instemming van het gefilmde personeelslid door de SVIB-er aan derden getoond. (Denk hierbij aan supervisie en intervisie van de SVIB-ers maar ook: interne begeleiding, begeleidingsbijeenkomsten, ouders, managementteam etc.)

 

  1. Het personeelslid laat geen opnames aan ouders, leerlingen of anderen zien (Denk aan ouderavond, nascholingscursus) zonder instemming van de SVIB-er.

 

  1. Bij gebruik van video-opnames buiten de school (denk aan externe deskundigen, presentatie onderwerp door SVIB-ers op nascholingsdag/ congres) is schriftelijke instemming nodig van het personeelslid en de ouders van de leerling die specifiek in beeld is.

 

  1. Filmmateriaal wordt niet aan ouders meegegeven. Beelden kunnen desgewenst op school onder leiding van SVIB-er bekeken en besproken worden. Dit kan op initiatief van school en/of ouders.

 

  1. Na beëindiging van een SVIB traject vindt altijd een evaluatie plaats met de betrokken leraar. Indien noodzakelijk wordt contact opgenomen met ouders.

 

  1. Na afloop van de begeleiding zorgt de betrokken leraar voor verslaglegging in de reguliere verslagen, indien de hulpvraag leerling gerelateerd is. Hierin komen aandachtspunten terug ten aanzien van: interactie, didactiek en klassenmanagement.

 

  1. De opnames zijn vertrouwelijk materiaal. De SVIB-er bewaart de beelden tijdens de begeleiding zorgvuldig. Na beëindiging van de begeleiding wordt het materiaal direct gewist.

 

  1. Het beeldmateriaal moet in beginsel voor het personeelslid ter inzage zijn. Desgewenst ontvangt de betrokkene een kopie van de fragmenten die voor de begeleiding zijn gebruikt. Als het personeelslid een kopie van een band ontvangt dan krijgt deze daarmee ook de verantwoordelijkheid voor wat ermee gebeurt. De opnames blijven vertrouwelijk materiaal en het personeelslid dient hier als zodanig mee om te gaan. (Denk hierbij aan het bekijken van het materiaal thuis terwijl andere gezinsleden meekijken!).

De SVIB-er houdt toezicht op het weer inleveren van filmbeelden.

  1. De SVIB-er en andere betrokkenen zijn verantwoordelijk voor naleving van het protocol.

 

  1. Dit protocol is getoetst aan de Wet op de Persoonsregistratie. Het is voorgelegd aan het team en na instemming van de M.R. en directie op (datum)  in werking getreden.

 

 


 

Deel deze pagina op Google Plus Deel deze pagina op LinkedIn